
Ook complexe projecten lenen zich voor offshoring
De laatste jaren richten Nederlandse klantcontactcenters aarzelend hun blik op het buitenland.
Waar bijvoorbeeld in de IT-sector met name grote bedrijven al jaren druk bezig zijn met offshoring,
is de omvang van geoffshored klantcontact gering. De opties voor Nederlandstalig klantcontact
zijn op één hand te tellen. Alleen in Suriname en op de Antillen wordt Nederlands gesproken.
Klantcontactbedrijf HCN maakt in Turkije gebruik van remigranten. In Zuid-Afrika werden ook
pogingen ondernomen, maar de taalproblemen bleken groter dan verwacht. Outsource Magazine
bracht een bezoek aan Suriname en Curaçao en onderzocht daar de kansen en valkuilen voor
Nederlandse contactcenters. Deze maand het eerste deel van een tweeluik: klantcontact in
Suriname.
Nu de economie groeit wordt het steeds lastiger om betaalbaar (hoogopgeleid) personeel te vinden dat bereid is om in een callcenter de telefoon te beantwoorden.
Offshoring, door Frans Plat en Jan Rozendaal in hun boek Remote in Control aangeduid als een ‘interessant randverschijnsel’, kan een oplossing bieden. Mogelijk verandert
de opvatting van uitbesteders over offshoring van klantcontact snel, aangezien uit een onderzoek van 2005 bleek dat maar liefst 90,9 procent van de facilitaire contactcenters
overwoog om activiteiten over de grens te laten uitvoeren.
Hoewel de kosten voor telefoonverbindingen
en internet een
stuk hoger zijn dan in Nederland,
wegen de lagere loonkosten hier
ruimschoots tegenop. Er kan een
prijsvoordeel van 30 tot 40 procent
behaald worden: een voor de hand
liggend maar zeer belangrijk argument voor offshoring. Zo wijst
Annemiek van Moorst er in haar boek
Strategische sourcing van customer care op
dat twee onafhankelijke onderzoeken
aantonen dat het kostenmotief de
belangrijkste of één na belangrijkste
reden voor bedrijven is om te outsourcen.
Bron: Outsource Magazine / Dossier Klantcontact en Outsourcing / nr. 4 - 2007